Wednesday, March 10, 2010 ..:: DE EGEL ::..   Login
De Egel (Erinaceus europaeus)

Veel mensen hebben wel eens een egel gezien. Op mooie zomeravonden kun je met een beetje geluk een egel zien rondscharrelen. De egel verraadt zich vaak door geritsel en gesnuif. Zie ook het filmpje van een impressie die we maakten met beelden van VARA's Vroege Vogels.

Een triestere ontmoeting is die met een doodgereden egel; het is één van de talrijkste verkeersslachtoffers onder de zoogdieren.
 
Ook mensen die overdag buiten aan het werk zijn vinden soms egels. Vaak gaat het dan om dieren die op een goed verborgen plek de dag door brengen. Soms worden ook jonge dieren in een nest van blad of ander materiaal gevonden.
 
 
Uiterlijk 
De egel is onmiskenbaar door de stekels op de rug en de bovenzijde van de kop. Een volwassen egel heeft ongeveer 7000 - 8000 stekels van twee centimeter lang. Waar stekels ontbreken is de huid bedekt met vrij stugge haren die op de buikzijde geelwit tot bruin zijn.
 
Afmetingen
lengte kop-romp: 200 - 310 mm
lengte staart: 20 - 45 mm
gewicht: 300 - 1100 gram
De grootte en het lichaamsgewicht zijn afhankelijk van leeftijd en geslacht; over het algemeen zijn volwassen mannetjes het grootst en het zwaarst. De haren rond de ogen zijn wat donkerder. Typisch voor de egel is de kringspier waarmee hij zich bij gevaar kan oprollen tot een bal en de stekels overeind kan zetten. Egels kunnen maximaal tien jaar oud worden, maar meestal worden ze niet ouder dan een jaar of vijf.
 
Leefgebied en verspreiding
De egel komt bijna overal in West-Europa vrij algemeen voor. In onze streken leeft de egel in bijna alle landschappen. In sommige gebieden zijn ze echter algemener dan in andere. Tuinen, bosranden, struweel en loofbos, liefst met ondergroei, zijn goede leefgebieden. Egels komen ook in steden voor, zolang er maar groen en schuilplaatsen aanwezig zijn.
 
 
 
Leefwijze en voedsel
Egels zijn echte nachtdieren. Overdag slapen ze in een moeilijk te vinden nest van bladeren, mos of ander materiaal dat zich vaak onder (braam)struiken of takkenbossen bevindt. Een groot deel van het jaar (november/december tot april/mei) zijn ze in winterslaap, waaruit ze af en toe wakker kunnen worden. Tijdens de winterslaap daalt hun lichaamstemperatuur van circa 35° tot circa 5 °C en verliezen ze ongeveer 30 procent van hun gewicht. Dat wordt in het voorjaar echter weer ruimschoots ingehaald; dankzij hun goede reukvermogen en gehoor weten ze veel kevers, rupsen, regenwormen, oorwurmen en slakken op te sporen. Van een schoteltje melk raken ze aan de diarree.
 
Egels zijn altijd alleen op stap en vormen geen vaste paartjes. Ze hebben een min of meer vast 'leefgebied' (mannetjes 20-40 ha, vrouwtjes 10-20 ha), maar ze hebben geen 'territorium' dat ze verdedigen tegen soortgenoten.
 
Als ze tijdens hun nachtelijke tochten sterk ruikend aas of uitwerpselen tegenkomen, kunnen egels opgewonden raken en zich zelfs ermee insmeren. Wat hier de functie van is, is niet duidelijk.
De paartijd duurt vrij lang (mei tot september). Na een draagtijd van ca. 5 weken werpt het vrouwtje tussen juni en oktober gemiddeld ruim vier (twee tot acht) jongen. De jongen zijn dan nog onbehaard en blind. Na een paar uur verschijnen echter witte stekels. Binnen enkele weken worden deze vervangen door een tweede en derde generatie bruin-crème-kleurige stekels. Die stekels blijven ongeveer 18 maanden zitten voordat ze geleidelijk vervangen worden.
 
 
Jongen
Na twee weken gaan de oogjes en oortjes open. Na drie weken gaan de jonge egeltjes achter de moeder aan om voedsel te zoeken. Als ze zes weken oud zijn kunnen ze volledig voor zichzelf zorgen. 
 
U kunt vaker bezoek van egels verwachten als u uw tuin toegankelijk maakt (kleine doorgangen in afscheidingen, zie ook de tips onder het kopje TUIN elders op deze site). Er moeten dan echter ook geschikte dagrustplaatsen aanwezig zijn zoals bladhopen en takkenbossen, liefst onder wat bomen of struiken. Het zijn vaak meerdere dieren die van uw tuin gebruik maken. Als u een nest jongen vindt is het verstandig dit direct weer toe te dekken zonder het verder te verstoren. Doet u dit niet, dan zal de moeder de jongen verhuizen, verlaten of doden.
 
Sporen
Egels gebruiken 's nachts veelvuldig onverharde wegen en paden. Sporen zijn daardoor makkelijk te vinden in vochtig zand of opdrogende modder. De afdrukken zijn te herkennen aan de vrij lange tenen.
De pootafdrukken zijn ongeveer 2,5 cm breed. De afstand tussen twee afdrukken van één poot zijn 10 cm.
 
De gitzwarte uitwerpselen van de egel zijn gemakkelijk te vinden. Vaak glinsteren die door de niet verteerde delen van keverschilden.
 
 
 
 
Bedreiging en bescherming
De egel is een wettelijk beschermde diersoort. Er vallen echter veel slachtoffers in het verkeer, door maaien of branden van vegetatie, doordat ze verstrikt raken in netten of rondslingerend afval, in onafgedekte putten vallen, verdrinken, vergiftigd raken, of doordat ze ondeskundig behandeld worden.
Egels kunnen in principe goed zwemmen, maar in vijvers met steile of gladde randen kunnen ze gemakkelijk verdrinken. Een plankje, omspannen met gaas, dat vervolgens schuin in de vijver wordt gezet, biedt uitkomst.
 
De aanwezigheid van egels in uw tuin is gunstig omdat ze kevers, rupsen en slakken eten. Het gebruik van vergif moet dus zeker achterwege worden gelaten: deze stoffen hopen zich via het voedsel op in de egel, die er vervolgens dood aan kan gaan.
 
 

Veel mensen hebben wel eens een egel gezien. Op mooie zomeravonden kun je met een beetje geluk een egel zien rondscharrelen. De egel verraadt zich vaak door geritsel en gesnuif. Zie ook het filmpje van een impressie die we maakten met beelden van VARA's Vroege Vogels.

Een triestere ontmoeting is die met een doodgereden egel; het is één van de talrijkste verkeersslachtoffers onder de zoogdieren.
 
Ook mensen die overdag buiten aan het werk zijn vinden soms egels. Vaak gaat het dan om dieren die op een goed verborgen plek de dag door brengen. Soms worden ook jonge dieren in een nest van blad of ander materiaal gevonden.
 
 
Uiterlijk 
De egel is onmiskenbaar door de stekels op de rug en de bovenzijde van de kop. Een volwassen egel heeft ongeveer 7000 - 8000 stekels van twee centimeter lang. Waar stekels ontbreken is de huid bedekt met vrij stugge haren die op de buikzijde geelwit tot bruin zijn.
 
Afmetingen
lengte kop-romp: 200 - 310 mm
lengte staart: 20 - 45 mm
gewicht: 300 - 1100 gram
De grootte en het lichaamsgewicht zijn afhankelijk van leeftijd en geslacht; over het algemeen zijn volwassen mannetjes het grootst en het zwaarst. De haren rond de ogen zijn wat donkerder. Typisch voor de egel is de kringspier waarmee hij zich bij gevaar kan oprollen tot een bal en de stekels overeind kan zetten. Egels kunnen maximaal tien jaar oud worden, maar meestal worden ze niet ouder dan een jaar of vijf.
 
Leefgebied en verspreiding
De egel komt bijna overal in West-Europa vrij algemeen voor. In onze streken leeft de egel in bijna alle landschappen. In sommige gebieden zijn ze echter algemener dan in andere. Tuinen, bosranden, struweel en loofbos, liefst met ondergroei, zijn goede leefgebieden. Egels komen ook in steden voor, zolang er maar groen en schuilplaatsen aanwezig zijn.
 
 
 
Leefwijze en voedsel
Egels zijn echte nachtdieren. Overdag slapen ze in een moeilijk te vinden nest van bladeren, mos of ander materiaal dat zich vaak onder (braam)struiken of takkenbossen bevindt. Een groot deel van het jaar (november/december tot april/mei) zijn ze in winterslaap, waaruit ze af en toe wakker kunnen worden. Tijdens de winterslaap daalt hun lichaamstemperatuur van circa 35° tot circa 5 °C en verliezen ze ongeveer 30 procent van hun gewicht. Dat wordt in het voorjaar echter weer ruimschoots ingehaald; dankzij hun goede reukvermogen en gehoor weten ze veel kevers, rupsen, regenwormen, oorwurmen en slakken op te sporen. Van een schoteltje melk raken ze aan de diarree.
 
Egels zijn altijd alleen op stap en vormen geen vaste paartjes. Ze hebben een min of meer vast 'leefgebied' (mannetjes 20-40 ha, vrouwtjes 10-20 ha), maar ze hebben geen 'territorium' dat ze verdedigen tegen soortgenoten.
 
Als ze tijdens hun nachtelijke tochten sterk ruikend aas of uitwerpselen tegenkomen, kunnen egels opgewonden raken en zich zelfs ermee insmeren. Wat hier de functie van is, is niet duidelijk.
De paartijd duurt vrij lang (mei tot september). Na een draagtijd van ca. 5 weken werpt het vrouwtje tussen juni en oktober gemiddeld ruim vier (twee tot acht) jongen. De jongen zijn dan nog onbehaard en blind. Na een paar uur verschijnen echter witte stekels. Binnen enkele weken worden deze vervangen door een tweede en derde generatie bruin-crème-kleurige stekels. Die stekels blijven ongeveer 18 maanden zitten voordat ze geleidelijk vervangen worden.
 
 
Jongen
Na twee weken gaan de oogjes en oortjes open. Na drie weken gaan de jonge egeltjes achter de moeder aan om voedsel te zoeken. Als ze zes weken oud zijn kunnen ze volledig voor zichzelf zorgen. 
 
U kunt vaker bezoek van egels verwachten als u uw tuin toegankelijk maakt (kleine doorgangen in afscheidingen, zie ook de tips onder het kopje TUIN elders op deze site). Er moeten dan echter ook geschikte dagrustplaatsen aanwezig zijn zoals bladhopen en takkenbossen, liefst onder wat bomen of struiken. Het zijn vaak meerdere dieren die van uw tuin gebruik maken. Als u een nest jongen vindt is het verstandig dit direct weer toe te dekken zonder het verder te verstoren. Doet u dit niet, dan zal de moeder de jongen verhuizen, verlaten of doden.
 
Sporen
Egels gebruiken 's nachts veelvuldig onverharde wegen en paden. Sporen zijn daardoor makkelijk te vinden in vochtig zand of opdrogende modder. De afdrukken zijn te herkennen aan de vrij lange tenen.
De pootafdrukken zijn ongeveer 2,5 cm breed. De afstand tussen twee afdrukken van één poot zijn 10 cm.
 
De gitzwarte uitwerpselen van de egel zijn gemakkelijk te vinden. Vaak glinsteren die door de niet verteerde delen van keverschilden.
 
 
 
 
Bedreiging en bescherming
De egel is een wettelijk beschermde diersoort. Er vallen echter veel slachtoffers in het verkeer, door maaien of branden van vegetatie, doordat ze verstrikt raken in netten of rondslingerend afval, in onafgedekte putten vallen, verdrinken, vergiftigd raken, of doordat ze ondeskundig behandeld worden.
Egels kunnen in principe goed zwemmen, maar in vijvers met steile of gladde randen kunnen ze gemakkelijk verdrinken. Een plankje, omspannen met gaas, dat vervolgens schuin in de vijver wordt gezet, biedt uitkomst.
 
De aanwezigheid van egels in uw tuin is gunstig omdat ze kevers, rupsen en slakken eten. Het gebruik van vergif moet dus zeker achterwege worden gelaten: deze stoffen hopen zich via het voedsel op in de egel, die er vervolgens dood aan kan gaan.
 
 
 
Copyright 2009 by Zoogdiervereniging   Terms Of Use  Privacy Statement